Opvattingen over kerkgang en gezondheid zijn sterk bepalend voor de identiteit van bepaalde kerken

Het land zit in een beperkte lockdown. Samenkomen in groepen groter dan dertig personen is uit den boze. Maar de kerken hebben die beperking niet. Hoewel de overgrote meerderheid van de kerken zich wel houdt aan dertig personen per kerkdienst, is er een kleine groep die daar grote moeite mee heeft.

Om te begrijpen waar die weerstand vandaan komt, is volgens hoogleraar praktische theologie Hans Schaeffer inlevingsvermogen nodig in wat geloven eigenlijk is. De kerkgang is niet alleen een sterk ontwikkelde traditie waar mensen aan hechten.

Collectieve kracht van zingen

Maar bovenal is kerkgang volgens Schaeffer een uiting van het geloof dat je hebt in de God die het leven heeft geschapen en die je vertrouwt: "Het geeft een enorme collectieve kracht om dat geloof samen uit te zingen, veel sterker dan wanneer je dat alleen en in stilte belijdt."

Hun opvattingen over gezondheid zijn een soort van identity marker geworden.
hoogleraar Hans Schaeffer

Schaeffer wijst erop dat juist in tijden van onzekerheid en spanning dat geloof een enorme houvast is, en dat de overheid dat ook zo ziet. Vandaar dat vastligt in de grondwet dat de overheid daar niet zo snel in mag treden.

Afwijken van de traditie kan in noodgevallen

Volgens Schaeffer nemen veel kerken zelf de verantwoordelijkheid om de kerkdiensten af te schalen en hij verwacht dat dat ook in deze kerkelijke groeperingen zal gebeuren. "Maar hun opvattingen over gezondheid, bijvoorbeeld over vaccineren en over kerk zijn een soort van identity marker geworden. Pas in grote noodgevallen zullen ze van hun opvattingen afwijken." De vernieuwde lockdown kan volgens Schaeffer zo'n moment zijn.

Hans Schaeffer is hoogleraar praktische theologie aan de Theologische Universiteit in Kampen.

Zondag 18 oktober een interview met Schaeffer in Hoogtij.

Meer over dit onderwerp:
HIERNUMAALS
Deel dit artikel: